Snel-stoppen-met-roken.nl


Ziekten en afwijkingen die verband houden met roken

Van een aantal ziekten en afwijkingen is aangetoond dat zij veroorzaakt worden of verband houden met roken. Hierna worden de belangrijkste hiervan besproken.

CARA (is een afkorting van Chronische Aspecifieke Respiratoire Aandoeningen)

Onder CARA vallen astma, chronische bronchitis en longemfyseem. De longen bestaan uit een groot aantal kanaaltjes (bronchien) die zich steeds weer vertakken en uiteindelijk uitmonden in longblaasjes. In deze blaasjes vindt de uitwisseling van zuurstof en koolzuur tussen het bloed en de ingeademde lucht plaats. De wanden van deze kanaaltjes zijn bekleed met cellen met kleine trilhaartjes en cellen die slijm produceren. Daardoor is de binnenkant van de longen bedekt met een laag slijm die door de trilhaartjes langzaam in de richting van de mond-holte wordt bewogen. De functie hiervan is dat ingeademde stof wordt opgevangen en naar buiten vervoerd. Zo worden de longen shoongehouden. Door roken worden de trilhaarcellen verlamd. Zij kunnen hun werk niet meer doen. Daarbij komt dat de slijm-cellen worden gestimuleerd door tabaksrook tot een grotere slijmproduktie. Het overtollige slijm wordt niet vanzelf afgevoerd, maar moet worden weg-gehoest: het bekende rokershoestje. Door het gebrekkige afvoeren van dit slijm kunnen er chronische ontstekingen ontstaan in de longwand (chronische bronchitis).

Longemfyseem

In een volgend stadium kunnen de kleine kanaaltjes in de buurt van de longblaasjes verstopt raken door het overtollige slijm. Met een poging om het overtollige slijm weg te hoesten wordt de spanning binnen de long¬blaasjes zo groot dat ze kapot gaan. Waar eerst een trosje longblaasjes was, is dan een grotere ruimte ontstaan. Een ziekte waarbij dit in zeer ernstige mate heeft plaatsgevonden is longemfyseem. De oppervlakte van de long wordt daardoor kleiner. Tevens is een groot deel van de elasticiteit van de longen verdwenen. Een longemfyseem-patient moet heel veel moeite doen om de benodigde zuurstof binnen te krijgen. De geringste inspanning leidt tot ernstig ademtekort.

Longkanker

Op de beschadigde plekken is de longwand gevoeliger voor de tabaksrook en is de weerstand kleiner. Op deze onbeschermde plekken kunnen door invloed van de tabaksrook - met name stoffen in de teer - cellen veranderen in zogenaamde abnormale cellen. Deze cellen kunnen zich gaan vermenig-vuldigen zonder rekening te houden met hun omgeving. Dit noemt men een kankergezwel, dat zich kan uitzaaien in andere delen van het lichaam. De meeste longkankers (90% bij de mannen en 81% bij de vrouwen) worden veroorzaakt door roken en zijn dus eigenlijk te voorkomen.

Hart- en vaatziekten

Hart- en vaatziekten zijn doodsoorzaak nummer een in Nederland. Bijna de helft van alle Nederlanders sterft hieraan. Roken bevordert het aderverkalkingsproces. Daardoor worden de bloedvaten nauwer, met name ook de kransslagaders die de hartspier van zuurstof voorzien. Daarnaast veroorzaakt nicotine samentrekking van de vaatwandspieren waardoor een extra vernauwing ontstaat. Zo kan er minder bloed en dus minder zuurstof bij de hartspier komen. Verder wordt het zuurstoftransport nog meer beperkt doordat een deel van de rode bloedlichaampjes geen zuurstof maar koolmonoxide vervoert. Het hart krijgt dus minder zuurstof aangevoerd, terwijl het tegelijk door de nicotine wordt opgejaagd tot meer hartslagen per minuut en dus meer zuurstof nodig heeft. De kans op een afsluiting van de kransslagader (infarct) wordt ook vergroot doordat roken de kans op trombose vergroot. Ook na een infarct is roken een groot risico omdat het de kans op een tweede infarct aanzienlijk ver¬groot. Ook de bloedvaten in de hersenen kunnen door roken vernauwen. Het herseninfarct (beroerte) komt bij rokers vaker voor. De bloedvaten in de benen kunnen door roken eveneens vernauwd raken. Daardoor ontstaat zuurstofgebrek in de beenspieren waardoor bij inspanning pijn optreedt. Men moet even uitrusten om de pijn te laten zakken voor men verder kan. Vandaar de naam 'etalageziekte' voor deze kwaal. In een gevorderd stadium van deze ziekte kan amputatie noodzakelijk zijn.

Voor pilgebruiksters is roken een extra risico: deze combinatie betekent een extra grote kans op hart- en vaatziekten.

Andere gevolgen van roken

Roken kan ook de oorzaak zijn van andere kankersoorten, zoals mond-, slok-,darm- en strottehoofdkanker. Daarnaast is roken waarschijnlijk van invloed op het ontstaan van blaas-, nier- en pancreaskanker. Verder wordt er een verband gelegd tussen roken en baarmoederhalskanker en maagkanker. Het ontstaan van een maagzweer wordt mede bevorderd door roken. Verder is bekend dat een maagzweer bij rokers moeilijk geneest. Uit onderzoek is gebleken dat rokers vaak te herkennen zijn aan de kleur van him huid en aan diepe rimpels om de mond en de ogen. Roken heeft invloed op de vruchtbaarheid. Geschat wordt dat de vruchtbaarheid van rokende vrouwen 30% lager is dan van niet-rokende vrouwen. Bij rokende mannen is er invloed op de kwaliteit van het sperma. De hoeveelheid en de beweeglijkhied van de zaadcellen per hoeveelheid sperma is geringer. Ook afwijkingen aan zaadcellen en impotentie komen vaker voor.


Copyright-Disclaimer-Privacy statement-Website door InterXL